Glycolyse
Of
2x FADH
2x NADH
1. Glucolyse
4x ADP
1x Glucose
4x e-
4x H+
2x ATP
4x P
4x ATP
Of
2x FAD
2x NAD+
Pyruvaat oxidatie
2x NADH
2x Co-Enzym A
2x CO2
2x Pyruvaat
2. decarboxylering/
pyruvaat oxidatie
Vertical Container
Of
10x NADH
2x FADH2
8x NADH
4x FADH2
Of
Oxidatieve Fosforylatie
2x FADH2
10x NADH
25x ATP
3x ATP
28x ATP
Of
Oxidatieve Fosforylatie
20x ATP
6x ATP
4x FADH2
8x NADH
26x ATP
6x ATP
`
Citroenzuurcyclus
3. Citroen zuur cyclus
2x Acetyl-CoA
4x NAD+
8x H+
8x e-
4x NADH
4x CO2
2x ATP
2x FAD
2x FADH2
2x NAD+
2x H+
2x NADH
2x ADP
2x e-

Redox Reactie

Reactie waarbij elektronen zich verplaatsen Bestaat uit Red en Ox

  • Red staat voor Reductie
    • Ontvangt elektronen
  • Ox staat voor Oxidatie
    • Weggeven van elektronen

Glucose

C6H12O6 + 6* O2 6 * CO2 + 6 * H2O

  • C6H12O6 oxideert en geeft elektronen af aan O2
    • C6H12O6 is de de reduction agent (reductor) omdat die een ander reduceert
  • 6 * O2 reduceert en ontvangt elektronen
    • 6 * O2 is dus de oxidatie agent (Oxidator) omdat die er voor zorgt dat C6H12O6 kan oxideren

Celademhaling

Glycolyse

Glycolyse vindt plaats onafhankelijk van de aanwezigheid van zuurstof ,

Het Proces

  1. Aan glucose worden 2 fosfaten gekoppeld die van 2 ATP afkomen, deze fosfaten koppelen aan het uiteinden van de Glucose
  2. Vervolgens worden er weer 2 fosfaten toegevoegd van 2 NAD+ met 4 e- en 4 h+ dit word samen 2 NADH en 2 H+
  3. Deze 4 fosfaten van de glucose worden ontkoppeld en samengevoegd met 4 ADP om 4 ATP te maken

Dit proces laat 2 pyruvaat over, dit is een 3 koolstof molecuul, en 2 H2O

Eind Producten Glycolyse

InputOutput
1 Glucose2 Pyruvaat
2 H2O
2 ATP4 ATP
2 NAD+
4 H+
4 e-
2 NADH
2 H+

Decarboxylering/Pyruvaat oxidatie

Het verder verwerken van eindstoffen glycolyse, bij de vorige stap zijn er 2 pyruvaten overgebleven.

Pyruvaat

Pyruvaat is een 3 koolstof molecuul (1/2 van glucose, een 6 koolstof molecuul)

Het proces

  1. Deze pyruvaten worden door een transporteiwit naar binnen gehaald En ontkoppelt van de bovenste groep, dit vormt CO2
  2. Vervolgens wordt er NAD+ en H+ en 2e- gecombineerd voor NADH
  3. Het deel dat vervolgens overblijft wordt gekoppeld aan Co-enzymen A en vormt Acetyl-CoA

Citroenzuurcyclus

Hier wordt het Acetyl-CoA ontbonden d.m.v. Citroenzuur

Het proces

  1. Het CoA wordt ontbonden van de 2 overgebleven koolstof atomen van de vorige stap. Deze losse 2 koolstofatomen binden zich aan een molecuul met 4 koolstofatomen en maakt citroenzuur.
  2. Dit ontbindt vervolgens en creëert met 2xNAD+; 2xCO2, 2xNADH en 2xH+
  3. Hierna blijft er nog een keer het 4 koolstofatoom molecuul over en wordt verder gereduceerd (Redox aka e- word afgenomen) en daar komt 1 ATP en FADH2 met het toegevoegde FAD.
  4. Vervolgens komt er door toevoeging van NAD, NADH en H+ bij vrij
    • Alle NADH zien we terug bij de laatste stap
  5. Dit betekent dat er 1 ATP, 1 FADH2 en 3 NADH per pyruvaat geproduceerd wordt, Oftewel 2xATP 2xFADH2 en 6xNADH per glucose, er 2 pyruvaten geproduceerd worden per glucose

Eind Producten Citroenzuurcyclus

InputOutput
1 Glucose2 Pyruvaat
1 Pyruvaat1 ATP
1 FADH2
3 NADH
Per glucose
1 Glucose2 ATP
2 FADH2
6 NADH
![[Hoofdstuk 7 Cel respiratie.pdf#page=39page=39]]

Oxidatieve Fosforilatie

in het binnenste membraan (innermembraan) van de mitochondriën zitten eiwitten die een elektron transport keten vormen, en de chemiosme Dit is een RedOx Reactie

Elektronen Transportketen

De elektronen drager die hier aankomen zijn

  • 2xNADH vanuit het Pyruvaat oxidatie
  • 2xFADH2 en 6xNADH vanuit de citroenzuurcyclus
  • 2xFADH2 of 2xNADH vanuit het glycolyse proces.
    • Dit komt omdat dit proces plaats vindt buiten het mitochondriën
    • de 2xNADH moleculen dat hier vrij komt wordt kan niet direct het organel in.
      • Het NADH dat daar vrijkomt laat het elektron achter en dat kan wel het organel in en word opgevangen door NADH of FADH2 daarom kan dit verschillen

Dus er zijn 2 situaties

Situatie 1situatie 2
2xFADH2 en 10xNADH4xFADH2 en 8xNADH

Deze worden middels een keten van eiwitten in het innermembraan van de mitochondriën zitten. deze eiwitten pompen H+ naar het intermembraan ruimte. deze worden later gebruikt in het Chemiosme proces

Chemiosme

Totale Winst