Operon model
Bacteriën produceren alleen de eiwitten die nuttig zijn op dat moment.
Via feedback inhibition (negatieve terugkoppeling)
Via het Operon model:
- Het Operon model is een genetisch regulerend mechanisme dat wordt aangetroffen in prokaryoten en dat verklaart hoe genen tot expressie worden gebracht als reactie op veranderingen in de omgeving.
- Het beschrijft hoe een groep verwante genen, een Operon genoemd, samen wordt bestuurd door een enkele promotor en wordt gereguleerd door operator sequenties die transcriptie kunnen remmen of bevorderen op basis van de aanwezigheid van specifieke moleculen.
- Dit model benadrukt de efficiëntie van gen regulatie en de wisselwerking tussen genexpressie en metabolische behoeften.

Wat is een Operon
Een cluster van aan elkaar gerelateerde genen kunnen aan of uit gezet worden door een enkele “switch”.
Deze “switch” is vaak een sequentie in de DNA gelegen in de promotor, genaamd de operator.
Een operon is het hele stuk DNA, met daarin de operator, de promotor en de genen.

Het operon kan uit/aan gezet worden met een repressor (remmend eiwit)
- Blokkeert RNA polymerase
- Repressor wordt door een ander gen geproduceerd.
- De repressor kan geactiveerd worden door een corepressor.
Negatieve genregulatie
Er zijn twee soorten van negatieve genregulatie:
- Een onderdrukbaar (repressible) operon staat meestal aan tot binding met een repressor.

- Een induceerbaar (inducable) operon staat meestal uit. Binding van een inductor zet het operon aan.
Bijvoorbeeld:

Positive Gene regulation
- Sommige operons staan onder controle van een activerend eiwit, een activator
- bijvoorbeeld catabolite activator protein (CAP), (positieve controle van gen expressie)
- Wanneer er weinig glucose is in de omgeving van een prokaryoot (favoriete voedsel)
- wordt CAP geactiveerd door binding met cyclic AMP (cAMP)
- Geactiveerde CAP bind aan de promotor van het lac operon
- verhoogt de affiniteit voor RNA polymerase.
- Wanneer de concentratie glucose omhoog gaat:
- verdwijnt cAMP en dus ook de activerende werking van CAP
- Activiteit van het lac operon gaat weer naar beneden.
Regulatie eukaryotische genexpressie
- Alle organismen moeten aan regulatie van genexpressie doen.
- Multicellulaire organismen hebben het vooral nodig voor de specialisatie van cellen
Differential Gene Expression
- Bijna alle cellen in een organisme hebben hetzelfde genoom.
- Verschillen tussen cellen komen voort uit verschillende gen expressies (differential gene expression)
Chromatine structuur
- Heterochromatine staat vaak voor een lage genexpressie
- Heterochromatine en euchromatine onder controle van histonmodificaties.

Acetylatie en Methylatie
- Acetylatie
- van de histonstaarten is vaak verbonden aan euchromatine
- Dus meer transcriptie en dus meer genexpressie
- van de histonstaarten is vaak verbonden aan euchromatine
- Methylatie
- is betrokken bij het krijgen van heterochromatine
- Dus minder transcriptie en dus minder genexpressie
- Cytosine methylatie
- Verbinden van methylgroepen aan cytosines
- Lage genexpressie
- is betrokken bij het krijgen van heterochromatine
Epigenetic Inheritance
- Histonmodificaties en methylatie van cytosines zijn niet terug te zien in de genetische code (ACTG)
- Toch zijn ze overerfbaar
- Epigenetica
- Bovenop het genoom
Organization of a Typical Eukaryotic Gene
- Op het eukaryotische genoom liggen veel controle elementen
- segmenten van niet-coderende DNA
- waaraan eiwitten kunnen binden.
- Die zijn belangrijk voor de genexpressie